Navigation
Gedachten voor thuis

Gedachten voor thuis Zondag 11 januari 2026

Doop van de Heer.

Jesaja 42, 1-4.6-7; Handelingen 10, 34-38; Mattheüs 3, 13-17

Wie flink heeft lopen trimmen of sporten en daarna lekker moe en bezweet onder de douche gaat, komt daar als herboren onder vandaan. “Ik voel me weer een ander mens…”, hoor je zo iemand wel eens zeggen. Dopen is een ritueel met water dat zeggen wil: het kwaad wordt van je afgespoeld en zo word jij een heel ander, een beter mens.

Wie zich bij Johannes wilde laten dopen, gaf daarmee ook te kennen: ik wil een ander, beter mens worden, een beter iemand, een kind van God probeer ik te zijn. Dopen was en is eigenlijk nog altijd het kwaad wegspoelen. Daarom wil Johannes aanvankelijk Jezus ook niet dopen. In die Jezus, vindt hij, steekt namelijk geen kwaad. Maar Jezus laat zich ook dopen, zoals die anderen, om er mee te laten zien dat Hij solidair is met zwakke en zondige mensen, die vuile handen hebben, maar van goede wil zijn. Want tegenover Johannes staat Jezus, een mens vol mededogen. Wie gedoopt wordt in zijn Naam is eigenlijk voor altijd nat…. Bedoeld wordt: gedoopt zijn schept verplichtingen, je leven lang. Je moet telkens een ander, beter mens zien te worden en in ieder geval nooit het geknakte riet breken of de soms o zo kleine vlam doven.